Ga direct naar


Gods Koninkrijk: vandaag of in de toekomst?!

Open als PDF

Zo luidde het thema van de afgelopen jongerenconferentie die we als Jong ib en het Zoeklicht jongerenwerk samen mochten organiseren. We kijken terug op een mooi, gezegend en natuurlijk ook gezellig weekend. Hier volgt een samenvatting van de kernpunten. Voor de volledige studies verwijs ik je naar de MP3’s!

Bijbelstudie doen…

Allereerst hebben we verschillende ‘koninkrijksstromingen’ nader bekeken. Aan bod kwamen ‘de vergeestelijkingtheorie’ (alles wat de Bijbel zegt over een toekomstig aards koninkrijk is slechts allegorie) en de ‘Kingdom Now theorie’ (gelovigen moeten hier en nu het Koninkrijk van God op aarde oprichten en uitbreiden). Het viel ons op dat in beide stromingen de Bijbelse positie van Israël helemaal achterwege blijft. Vreemd, als je bedenkt dat het grootste gedeelte van de bijbelteksten over het koninkrijk, in directe relatie tot Israël staan.

Voordat we met onze studie begonnen, namen we de volgende bijbelstudieprincipes door:
1. de Bijbel is het complete en onfeilbare Woord van God (2 Tim. 3:16);
2. de Bijbel verklaart zichzelf. Het is belangrijk om teksten in hun context te bestuderen en Schrift met Schrift te vergelijken (2 Pet. 1:20);
3. neem de Bijbel letterlijk, tenzij er duidelijk sprake is van beeldspraak. Vaak blijkt die beeldspraak in het vervolg van het bijbelgedeelte te worden verklaard;
4. heel de Bijbel is wel voor ons, maar niet heel de Bijbel gaat over ons. Bij het lezen van een Bijbelgedeelte, moeten we ons afvragen aan wie het primair is gericht. Zo onderscheidt Paulus in 1 Korintiërs 10:32 drie groepen mensen: Joden, Grieken en de gemeente Gods (bestaande uit gelovige Joden en heidenen). Natuurlijk mogen we uit heel de Bijbel geestelijke lessen trekken, maar we dienen daarbij nooit de primaire betekenis uit het oog te verliezen.
5. We kunnen alleen de Bijbel verstaan door de verlichting van Gods Geest (Joh. 16:13), met Wie wij zijn verzegeld toen wij tot geloof kwamen (Ef. 1:13).

Grote lijnen

Vanaf de schepping volgden we de rode draad van het koninkrijk. Adam was de eerste door God aangestelde heerser over de schepping. Door ongehoorzaamheid verliest hij die heersende positie. ‘De laatste Adam’, namelijk Christus, brengt door Zijn gehoorzaamheid, de heerschappij weer terug bij God (vgl. Gen. 3:15; 1 Cor. 15:25, 45).

Na Adam vervalt de mens in een neergaande spiraal, met als gevolg de zondvloed en later de spraakverwarring in Babel. Dan besluit God vanuit Abraham een heel nieuw volk te beginnen. Met hen (Israël) sluit Hij een verbond op de berg Sinaï. Op voorwaarde van gehoorzaamheid zou Israël tot ‘een koninkrijk van priesters en een heilig volk’ worden (Ex. 19:5-6). Zij werden door de Heere apart gezet om Hem te dienen en onder de heidense volken van Hem te getuigen (verg. Jes. 43:10). God zou hen stellen tot hoofd van alle volkeren (Deut. 28:1). Helaas leert de geschiedenis dat het volk door zonde en ongeloof hun roeping nooit in de praktijk heeft gebracht. De richters en profeten probeerden hen tot inkeer te brengen, maar het merendeel luisterde niet. Maar behalve de oproep tot berouw en bekering hebben de profeten ook een heel belangrijk Persoon aangekondigd: de Messias, Die het koninkrijk aan Israël zou herstellen (Jes. 9:5-6; Jer. 23:5-6).

Discipelen

Eén van de belangrijkste eyeopeners tijdens het weekend was dat de discipelen niets anders verwachtten dan wat door de profeten aangekondigd was: het herstel van Israël door de Messias en een letterlijk koninkrijk op aarde. We komen dit o.a. tegen in de geboorteaankondiging van de Heere Jezus (Luk. 1:31-33), de lofzang van Zacharias (Luk. 1:68-79), Simeon die ‘de vertroosting van Israël’verwachtte (Luk. 2:25), Hanna, de profetes, die over Hem tot allen sprak, die voor Jeruzalem verlossing verwachtten (Luk. 2:38) etc.

We zien het ook terugkomen in het optreden van Johannes de Doper. Hij kondigde als heraut Jezus’ komst aan en het beloofde koninkrijk. Net als de profeten riep ook hij zijn volksgenoten op om tot bekering te komen. Ook de Heere Jezus en Zijn discipelen verkondigden ‘het evangelie van het koninkrijk’, dat o.a. wordt gekenmerkt door tekenen en wonderen van het toekomstige koninkrijk en de verkonding aan Israël met uitsluiting van de heidenen (Mat. 4:23-24; Mat. 10:5-8).

De Emmaüsgangers

Terwijl wij terugkijken op het volbrachte werk van de Heere Jezus, was Zijn lijden, sterven en opstanding voor de discipelen nog verborgen (Mat. 16:22; Luk. 24:11; Joh. 20:9). We zien dit zo duidelijk getypeerd in de opmerking van de Emmaüsgangers: “Wij echter leefden in de hoop, dat Hij het was, die Israël verlossen zou” (Luk. 24:21). Hun somberheid bleef totdat de Heere Jezus hun ogen opende en vanuit Mozes en de profeten uitlegde dat de Christus moest lijden om in Zijn heerlijkheid in te gaan (vers 26). Hierin komt Gods voorkennis van de heilsgeschiedenis en het verband tussen Zijn lijden en heerlijkheid tot uitdrukking.

Nieuwe fase

De komst van de Heere Jezus naar deze wereld stond bovenal in het teken van Zijn beloofde koningschap voor Israël. Verandert dat na Zijn dood en opstanding?
Gedurende 40 dagen tussen Zijn opstanding en hemelvaart spreekt de Heere Jezus met Zijn discipelen over “de dingen die het Koninkrijk Gods betreft” (Hand. 1:3). In aansluiting daarop vragen de discipelen: “Heere, herstelt Gij in deze tijd het koningschap voor Israël?” (vers 6).
Eigenlijk is hun vraag een verklaring van wat ‘die dingen die het koninkrijk Gods betreft’ betekenen, namelijk ‘het herstel van het koningschap voor Israël’! De vraag is ook niet of het koninkrijk komt, maar wanneer? Het is dan ook op deze vraag dat Jezus antwoordt: “Het is niet uw zaak de tijden of gelegenheden te weten, waarover de Vader de beschikking aan Zich gehouden heeft” (vers 7).

 In het verloop van Handelingen blijkt dat de ‘tijden en gelegenheden’ in verband staan met Israëls bekering. De discipelen blijven heel gericht onder het Joodse volk doorgaan met de verkondiging van het evangelie en de oproep tot bekering, die het herstel van het koninkrijk tot gevolg zou hebben (Hand. 3:19-21). Langzamerhand wordt duidelijk dat Israël als volk de oproep tot bekering opnieuw afwijst (Hand. 13:46; 18:5,6; 28:24-28) en dat God ook de heidenen op het oog heeft (zie de bekering van Cornelius in Hand. 10).
Paulus verklaart die ontwikkeling in Romeinen 11:11: “Door hun val is het heil tot de heidenen gekomen, om hen tot naijver op te wekken”. In Efeze 2:15 verklaart hij verder dat in Christus Jood en heiden tot één nieuwe mens zijn geschapen; de Gemeente, bestaande uit individuele Joden en heidenen die tot geloof in Christus zijn gekomen. Wat ooit een verborgenheid was, wordt nu geopenbaard (Ef. 3:1-11).
Met elkaar ontdekten we hoe belangrijk het is de Bijbel heilshistorisch te bestuderen en dus ook evangeliën in de context van de Oudtestamentische beloften aan Israël te verstaan.

Herstel van Israël

Later verklaart Paulus in Romeinen 9 t/m 11 dat Israël bij God niet heeft afgedaan! De belofte van een ‘Koninkrijk van Priesters’, blijft overeind en zal in vervulling gaan als het volk tot bekering komt, zoals Petrus verwoordt: “Komt dan tot berouw en bekering, opdat uw zonden uitgedelgd worden, opdat er tijden van verademing mogen komen van het aangezicht des Heren, en Hij de Christus, Die voor u tevoren bestemd was, Jezus, zende; Hem moest de hemel opnemen tot de tijden van de wederoprichting aller dingen, waarvan God gesproken heeft bij monde van Zijn heilige profeten, van oudsher” (Hand. 3:19-21).
Dan zal ook de rest van de profetieën over het herstel van het koninkrijk in vervulling gaan: “Groot zal de heerschappij zijn en eindeloos de vrede op de troon van David en over zijn koninkrijk, doordat hij het sticht en grondvest met recht en gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid. De ijver van de HERE der heerscharen zal dit doen” (Jes. 9:6, vgl. Jes. 2, 11).
De letterlijke vervulling van de ruim 300 profetieën over Jezus’ eerste komst vormen het grote bewijs dat ook de profetieën over Zijn tweede komst letterlijk vervuld zullen worden! 

Begrip Koninkrijk

Verder ontdekten we dat de betekenis van het begrip ‘koninkrijk’ door de context wordt bepaald. Zo zegt Paulus in Kolossenzen 1:13 en 14 dat wij ‘getrokken zijn uit de macht van de duisternis en overgezet zijn in het Koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde’ en volgens Filipenzen 3:20, zijn we ‘burgers van een rijk in de hemelen’ (zie voor onze hemelse roeping en positie ook Efeze 1:3, 20; 2:6; 3:10; 6:12). We moeten dit echter niet verwarren met het Messiaanse Koninkrijk dat straks, bij de komst van de Heere Jezus Christus, vanuit Jeruzalem op aarde (!) zal worden opgericht.

Pittig thema

We hebben tijdens het weekend ontdekt dat het een pittig maar bovenal belangrijk thema is. Het bepaalt je kijk op veel andere (sub)onderwerpen. Het is daarom belangrijk om de tijd ervoor te nemen en Schrift met Schrift te vergelijken. “Wanneer er wordt gesproken over het persoonlijk geestelijk leven zitten we als jongeren vaak op het puntje van onze stoel. Maar als jongeren moeten we ook leren om kernonderwerpen als dit door te worstelen en ons eigen te maken. Dat brengt ons van de melk naar de vaste spijze”, aldus Jacques Brunt tijdens het jongerenweekend. Ik sluit mij daar graag bij aan. Niet alleen snelle hapklare brokken, de trend van de wereld om ons heen. Door gebrek aan discipline, kunnen daar alleen nog maar korte en oppervlakkige boodschappen de aandacht vasthouden. Als jongeren moeten we leren tijd en rust te nemen om Gods plan met Israël, de volken en de Gemeente te bestuderen. En natuurlijk ook Zijn plan met ons persoonlijk leven te verstaan, zodat Hij met ons tot Zijn doel kan komen. 




Snelkoppelingen naar websites