Tot voor kort hadden gelovigen in Jesjoea ‘slechts’ te lijden onder geestelijke en emotionele vervolging, zoals discriminatie, pesterijen, vernieling van eigendommen tot brandstichting aan toe. Op 20 maart 2008 werd echter een nieuwe grens overschreden. Een veiligheidscamera bij het huis van de familie Ortiz registreerde een man in een Israëlisch legeruniform die een ‘Poerimgeschenk’ voor hun deur neerzette. Toen de 15-jarige Ami het uit de geschenkverpakking haalde, explodeerde het in zijn handen. Het Poerimgeschenk bleek een bom te zijn, die hem bijna fataal werd. Lees het interview