Ga direct naar


De voorgeschiedenis

Volgens Genesis 1 schiep God de hemel en de aarde in zes dagen. Als kroon op de schepping schiep Hij de mens, om voor de aarde zorgen. Hij maakte geen robot van hem, maar een wezen dat kon observeren, redeneren en kiezen. Hij kon kiezen tussen goed en kwaad, maar koos voor het kwaad. Je kunt dat lezen in Genesis 3. Geen enkele gebeurtenis in de geschiedenis van de mensheid heeft zulke negatieve gevolgen gehad als deze zondeval van de mens. De mens wees Zijn eigen Schepper af en zakte vervolgens af naar een toestand die God als volgt omschrijft:

"Toen de HERE zag, dat de boosheid des mensen groot was op de aarde en al wat de overleggingen van zijn hart voortbrachten te allen tijde slechts boos was, berouwde het de HERE, dat Hij de mens op de aarde gemaakt had, en het smartte Hem in zijn hart." (Gen. 6:5-6)

God zag geen andere weg dan alle mensen, die Hij met zoveel liefde gemaakt had, te vernietigen. Hij deed dat door middel van de zondvloed, waarvan we overal op de wereld de sporen nog kunnen vinden. Alleen Noach en zijn gezin werden gespaard.

 

 




Snelkoppelingen naar websites