Ga direct naar


Deel 3: De tien plagen in Egypte

door Gabor Locht

Neem nu de tien plagen in Egypte. Water verandert in bloed; overal verschijnen plotseling kikkers, muggen en steekvliegen. Het vee sterft aan pest. Zweren, hagel, sprinkhanen en duisternis treffen het land en tot slot sterven alle eerstgeboren zonen. Het is niet zo vreemd wanneer je soms denkt: zou dat nu echt allemaal zo zijn gebeurd? Van zulke grote rampen zou je toch verwachten dat er ook buiten de Bijbel gegevens te vinden zijn …

Inderdaad, maar laat er nu zo’n bron zijn! De zogenaamde papyrus Ipuwer1 is een klaagzang van ene Ipuwer aan zijn goden of aan de farao. Hij beschrijft rampen van ongekende omvang. Het is heel aannemelijk dat Ipuwer een Egyptische getuige is geweest van de uittocht uit Egypte, die plaatsvond in de 15e eeuw voor Christus. Hoewel de papyrus erg beschadigd is, zijn er nog grote delen van leesbaar. De gelijkenis met het verslag in het boek Exodus is meer dan opmerkelijk!

Ipuwer beschrijft een periode van grote chaos in Egypte. Slaven vluchten en grote natuurrampen treffen het land. De rampen die Egypte treffen, komen sterk overeen met de beschrijving van de plagen in Exodus. Zo beschrijft Ipuwer dat de rivier de Nijl in bloed is veranderd, zodat niemand het water kan drinken (vgl. Exod. 7:14-25). De rivier stinkt en alle vissen zijn gestorven (vgl. Exod. 7:21). Bomen en planten worden vernield door hagel (vgl. Exod. 9:13-35) en vuur (vgl. Exod. 9:24). Geen vruchten of planten zijn volgens Ipuwer meer te vinden. Ook het vee is er ellendig aan toe en er is niemand om het binnen te halen (vgl. Exod. 9:19, 20). Hierna wordt het land in duisternis gehuld (vgl. Exod. 10:21-23) en tot slot sterven vele mensen. Volgens Ipuwer zijn er overal mensen die hun broer begraven en worden de kinderen van prinsen op straat geworpen (vgl. Exod. 12:29, 30). Ook verhaalt Ipuwer van slavinnen die worden behangen met gouden sierraden (vgl. Exod. 11:2) en tot slot wordt beschreven dat de farao onder mysterieuze omstandigheden verdwijnt (vgl. Exod. 14:28).

In deze volledig chaotische toestand wordt het land bovendien aangevallen door buitenlandse stammen. Het is heel goed mogelijk dat het hier om dezelfde stammen gaat als die in Exodus 17 worden beschreven als de Amelekieten. Dit volk was wellicht op weg naar Egypte om het land te plunderen, toen het de Israëlieten op zijn weg vond. Na een verloren strijd met de Israëlieten zouden zij doorgetrokken kunnen zijn naar Egypte.

De gebeurtenissen die Ipuwer beschrijft komen dus erg overeen met het verslag in Exodus. Er zijn geen aanwijzingen dat de papyrus het boek Exodus als bron gebruikt heeft, of andersom. Kortom: we lijken hier te maken te hebben met een onafhankelijke bron, die dezelfde gebeurtenissen beschrijft als het boek Exodus. De plagen uit Egypte zijn daarom op het eerste gezicht wel wonderlijk, maar worden ondersteund door getuigenissen van buiten de Bijbel!

1. Ik maak gebruik van het onderzoek van I. Velikovsky, Ages in Chaos, Sidgwick & Jackson, London, 1972, pag. 22-39. Het totaal van Velikovsky’s reconstructie van de geschiedenis is onder historici niet staande gebleven. Dat neemt echter niet weg dat onderdelen uit zijn theorieën, zoals zijn interpretatie van de papyrus Ipuwer goed verdedigbaar zijn.

terug




Snelkoppelingen naar websites